Het gaat ook weleens mis. Ik reed lekker links op een zesbaansweg toen de auto hetvoor gezien hield. Poem. Zomaar. Stil op de snelweg. Net buiten Mexico-Stad, in een deelstaat waarover een vriend later appte: ‘Auto op slot en binnen wachten op versterking’.

Terwijl het verkeer voorbij bleef razen moest ik me toch een weg zien te duwen naar de kant. Ik was aan mijn eigen dodemansrit bezig toen opeens een   barmhartige Mexicaan begon te helpen met duwen. ‘Geen zorgen, komt goed ouwe’, was het enige dat hij zei. Iemand anders zette het verkeer stil door zijn auto achter ons steeds uit te voegen. Woest toeterende voorbijgangers. Eenmaal aan de kant kwam het met bakken uit de hemel. Een politiepatrouille stond droog onder de brug en zou wellicht kunnen assisteren, maar een gewond lammetje kan de wolf toch beter niet om hulp vragen? 

Ik belde met vrienden: ‘Mijn neef is dichtbij en komt er aan!’ Na een klein uur werd er op de ruit getikt. Jair Avila, alias De Chinees: ‘Heb je pech, vriend?’. Opgelucht borg ik zaklamp met elektroshocks weer op. Twee uur lang vergat El Chino dat hij eigenlijk aan het werk was. Zijn dienst voor Uber was pas net begonnen. We kregen de auto per honderd meter aan de praat en na de komst van mijn vrienden droop Jair af. Geld voor zijn verloren werktijd wilde hij niet: ‘We zijn hier om elkaar te helpen!’. Het leek zowaar goed te komen: ‘Gewoon in de eerste versnelling de snelweg op. Niet afremmen en vooral je lichten niet aandoen’. En zo reed ik in het donker tussen vluchtstrook en vrachtwagens. Als de auto het nu zou begeven was er geen plek voor geklooi met startkabels. Heuvel op zou ook weinig plezierig duwwerk betekenen. Maar we hielden vol. 40 fucking kilometer. Mijn vrienden waarschuwden naderend verkeer met knipperlichten. Bij het tolhuisje werd niet eens raar opgekeken toen ik vol gas bleef geven tijdens het betalen. We haalden heelhuids de kroeg die mijn komst mogelijk had gemaakt. Bij Carretes & Ranas werd al een paar uur op hun D-artiest gewacht. Ik dronk de adrenaline van me af en besefte hoe waanzin gepaard ging met warme ontmoetingen. Ik dacht even terug aan de onbekende duwer en zijn kompaan. Aan De Chinees en aan Tania en Alejandro, die meteen de auto insprongen om me op te pikken. Als engelen bestaan,dan heb ik ze vandaag aan het werk gezien.