Dit gebeurt wanneer je op een congres moet improviseren en dus maar je hart laat spreken. ‘Een pitch! Het was een regelrechte pitch! Ik heb niet eens een product! Ik bén het fucking product!’
Morelia, Michoacán, 06/10/2017.

Ik was uitgenodigd op het eerste internationale congres ‘Vrouwen en Macht’. Een groot evenement, gericht op vrouwelijke ondernemers. Ik zou een kort praatje houden over het volgen van je dromen. Vertellen dat ondernemen eigenlijk hetzelfde is. Of iets in die trend, ik wist het ook nog niet precies. Maar praten voor een zaaltje lukt me doorgaans wel aardig. Ondernemen om rijk te worden een stuk minder.

’s Middags werd ik ter voorbereiding bij een masterclass van een topondernemer ingedeeld tussen de ‘prijswinnende studenten’. Ik viel in slaap, want topondernemers interesseren me net zoveel als de uitslag van een voetbalwedstrijd in de vierde klasse F, nog bezig te veld 3, terwijl in de kantine al Brouwerij “De Brouwtoren” is besteld. Dat slapen onverstandig bleek werd duidelijk toen ik op het podium werd uitgenodigd. Geheel naar Mexicaanse traditie wist ik nog steeds niet wat de bedoeling zou zijn, maar ik had voor de zekerheid een filmpje met mijn reisplan aan de organisatie gegeven. Op het podium bleek de excellerende ondernemer tevens gespreksleider. Naast mij introduceerde hij zes van de eerder genoemde studenten. Allemaal keurig in mantelpak gestoken. De dames hadden een productpresentatie meegenomen. Eindelijk werd uitgelegd wat de bedoeling was. Aan de zaal, maar dus ook aan mij: iedereen zou in 5 minuten mogen uitleggen waar haar (… of zijn…) product uit bestond in de hoop een investeerder of een sponsor te vinden. Een pitch! Het was een regelrechte pitch! Ik heb niet eens een product! Ik bén het fucking product!

Één voor eén zag ik hoe de dames hun product professioneel wisten te presenteren. Powerpointje hier, break-evenpuntje daar. Plastuit, boter in de vorm van prittstift, biologische jam. Een fucking Volkswagen kever. Na zes uitstekende verkooppraatjes was het de beurt aan ‘el Güero del Vocho’, de blonde met die kever, zoals ik mijn product naar eer en geweten had gedoopt. Ik vertelde wie ik was en nodigde de zaal uit eerst te kijken naar het filmpje. Een haastig gemonteerd document waarin ik mijn liefde voor Mexico verklaar en uitleg wat ik ga doen: reizen van Tijuana naar Cancún. In een oude kever, om uiteindelijk een boek te schrijven over mijn ervaringen. Een ode aan de Mexicaan.

Maar het filmpje faalde. Balverlies in de eerste minuut van de wedstrijd, verkeerde kleuren op het scherm. Ongetwijfeld had het iets te maken met instellingen waar ik niks van begrijp: ‘Geen probleem, want als dit gebeurt moet je improviseren als een ware Mexicaan’.  Applaus in de zaal. De muziek van tegen elkaar slaande handen symboliseerde de opmars van een succesvol relaas over mijn persoonlijk Odyssee. Mijn passie voor Mexico, mijn liefde voor de cultuur. Hoe mijn leven de afgelopen 5 jaar in het teken van Mexico staat, en hoe ik zowel sociaal als professioneel alles aan het land te danken heb. Ik vertelde naar waarheid dat ik het boek op wil dragen aan alle Mexicanen die me hebben geholpen, op welke manier dan ook. Ik vertelde dat voor deze droom nog heel wat sponsoren nodig zijn, want met alleen spaargeld kon ik het misschien één maand uitzingen. Meer applaus. Na wat vragen uit de zaal mochten we het podium verlaten om direct contact te zoeken met geïnteresseerde investeerders. Mijn resultaat:
– Drie nieuwe sponsoren
– Hulp van een reisbureau bij het verkrijgen van gratis overnachtingen in de gehele Republiek
– Hulp bij het promoten van
‘mijn product’ afkomstig van mensen die wél commercieel zijn ingesteld
– Een zaal vol enthousiaste vrouwen